Allergieën en intoleranties

Voedselallergie

Een voedselallergie is een abnormale reactie van het afweersysteem tegen eiwitten uit de voeding. De eiwitten waar het lichaam op reageert worden allergenen genoemd. Tegen deze allergenen maakt het lichaam afweerstoffen, waardoor er een allergische reactie ontstaat. De klachten die hierdoor ontstaan verschillen per persoon. De ernst van de klachten kan variëren van mild tot levensdreigend.

De volgende klachten kunnen ontstaan:
- Luchtwegklachten: astma, benauwdheid, piepende ademhaling, loopneus, niezen, hoesten.
- Huidklachten: jeuk, eczeem, urticaria (bultjes op de huid), angio-oedeem (zwellingen van oogleden, wangen, lippen en/of slijmvliezen in mond- en keelholte)
- Maag- darmklachten: misselijkheid, braken, buikpijn, diarree, krampen, obstipatie (verstopping), gasvorming.
- Anafylactische shock (levensbedreigende allergische reactie met symptomen als zweten, braken, diarree, kramp, zwellingen in mond of keel, ademhalingsmoeilijkheden en daling van de bloeddruk, waardoor bewusteloosheid kan ontstaan.)
- Bij kinderen: erg veel huilen (huilbaby), groeiachterstand, gedragsklachten.

Een hele kleine hoeveelheid van het voedingsmiddel waarvoor iemand allergisch is kan al een allergische reactie veroorzaken.

Mensen kunnen voor uiteenlopende voedingsmiddelen allergisch zijn. De diëtist kan u helpen om erachter te komen voor welk voedingsmiddel u allergisch bent. Ook kijkt een diëtist door welke producten het voedingsmiddel kan worden vervangen om te korten aan vitaminen en mineralen te voorkomen.

Voedselintolerantie
Bij een intolerantie (ook wel niet-allergische voedselovergevoeligheid genoemd) ontstaan klachten die niet door het afweersysteem worden veroorzaakt. Intolerantie kan bijvoorbeeld worden veroorzaakt doordat het lichaam enzymen mist om bepaalde stoffen uit de voeding af te kunnen breken.

De stoffen die een reactie kunnen veroorzaken heten triggers. Voorbeelden van triggers zijn lactose (melksuiker), fructose (vruchtensuiker), sulfiet (conserveermiddel) en glutamaat (bestanddeel van de smaakversterker ve-tsin).

Bij een intolerantie kan vaak wel een kleine hoeveelheid van het product worden verdragen, maar normale porties geven klachten. Iemand met lactose-intolerantie kan bijvoorbeeld vaak wel een scheutje koffiemelk in de koffie verdragen, maar krijgt klachten na het drinken van een beker melk. De grens waarbij klachten ontstaan verschilt per persoon.

De klachten die bij een intolerantie ontstaan zijn over het algemeen minder ernstig dan de klachten die bij een voedselallergie ontstaan.

De volgende klachten kunnen ontstaan:
- Luchtwegklachten: astma, benauwdheid, piepende ademhaling, loopneus, niezen, hoesten.
- Huidklachten jeuk, eczeem, urticaria (bultjes op de huid), angio-oedeem (zwellingen van oogleden, wangen, lippen en/of slijmvliezen in mond- en keelholte)
- Maag- darmklachten: misselijkheid, braken, buikpijn, diarree, krampen, obstipatie (verstopping), gasvorming.
- Overige klachten: hoofdpijn, vermoeidheid, gedragsklachten, spierklachten, gewrichtsklachten.

Begeleiding

De diëtist kan u helpen om erachter te komen van welk voedingsmiddel u klachten krijgt. Dit voedingsmiddel wordt vervolgens (geheel of gedeeltelijk) uit de voeding gehaald, zodat de klachten verdwijnen. Ook kijkt een diëtist door welke producten het voedingsmiddel kan worden vervangen om te korten aan vitaminen en mineralen te voorkomen.